Fietstocht Dieren – De Weerribben – Heerenveen

Zaterdag 27 september 2014, ik had afgelopen zomer het plan om dit seizoen nog een 140 km tocht te rijden, mits het goed weer is. Mijn conditie is goed na de tocht naar Keulen, dus 140 km moet kunnen. De bestemming laat ik van de wind afhangen. De weersverwachtingen in de dagen vooraf zien er goed uit, er is alleen één luxeprobleem: uit welke hoek gaat de wind waaien. Omdat het centrum van het hogedrukgebied, wat het nazomers weer gaat geven, in de buurt ligt, zijn de windverwachtingen tot de laatste 2 dagen onbetrouwbaar. Omdat de terugreis met de trein moet is een tocht naar het oosten niet gewenst, omdat ik dan in de buurt van de spoorlijn Ruhrgebied – Arnhem moet uitkomen en daar ben ik laatst nog net geweest. Dus het wordt een tocht naar het zuiden (Roermond), het westen (Rotterdam) of het noorden (Heerenveen). Nadat alle plaatsen ongeveer 2 maal gepasseerd zijn blijft de windvaan bij Heerenveen staan. De schaatstempel van Thialf lijkt mij een mooi symbolisch eindpunt, zeker nu het winterseizoen weer in aantocht is, al zou je dat buiten niet zeggen, maar de daglengte begint nu snel korter te worden.

De voorbereiding was erg simpel, pak de fietsrouteplanner van de Fietsersbond, type begin en eindpunt in en dat je langs fietsknooppunten wilt en de lijst met fietsknooppunten wordt gepresenteerd. Mijn enigste wens was dat de tocht door De Weerribben zou gaan; dat bleek direct het geval te zijn. Wel even voor de zekerheid gecheckt of de pontjes nog steeds varen. Dat was ook zo, alleen is de derde pont over de Tjonger in Friesland er één met handbediening.

Het vertrek ’s ochtends niet te vroeg gedaan vanwege mist in de weersverwachting en dat de meeste zon pas ’s middags zou komen. Na bijna 6 jaar door weer en wind van Dieren naar Arnhem te hebben gefietst, ben ik wel een mooi weer fietser geworden. Als ik ’s morgens opsta is het direct al goed helder en er is weinig bewolking en geen mist, echter dat was iets te vroeg gejuicht, want een half uur later komt er alsnog mist opzetten. Erg dik kan dit toch niet meer worden en de septemberzon moet hier zo doorheen kunnen branden. Dat laatste is ook het geval, als ik nog geen 10 km van huis ben langs het Apeldoornskanaal is alle mist verdwenen. Als ik Apeldoorn in rij is het volop nazomer. Ik zit weer helemaal in vakantiestemming, er zijn mensen die hiervoor de halve aardbol rond moeten vliegen, er zijn ook idioten zoals ik die de fiets uit de schuur pakken, de hoek omrijden en al in vakantiestemming komen. Het is oneerlijk verdeeld in deze wereld.

Ik moet Apeldoorn van zuid naar noord doorsteken, wat overigens goed te doen is voor fietsers. Aan de noordkant van Apeldoorn volg ik nog een tijdje het Apeldoornskanaal tot de hoogte van Vaassen, daarna steek ik de A50 over en kom meer in de IJsselvallei, hier beginnen de mooie vergezichten. Bij Oene wordt het tijd om de lange broek uit te trekken, zodat de korte fietsbroek over blijft. Sinds ik in 2003 in 2 dagen heen en weer ben gefietst van Dieren naar Assen en ik thuis na 310 km een rauw achterwerk had heb ik mijzelf maar een fietsbroek met zeemleren kruis aangeschaft. Ook het fietsshirt met lange mouwen wordt nu verwisseld met de korte mouwen. Via Heerde en Wapenveld pak ik net de rand van de Veluwe mee en kom ik in Hattem, een mooi Hanzestadje als ik het goed heb.

Zwolle laat ik rechts liggen en ik volg de IJssel aan de zuidkant tot aan Zalk. Hier moet ik met het veer naar de overkant naar ’s Heerenbroek. Als ik de weg naar het veer op rij is het toch akelig stil, het zal toch niet zo zijn dat de info op internet niet klopt? In dat geval moet ik de brug in Kampen of toch terug in Zwolle pakken. Gelukkig, loos alarm. Als je wilt overvaren moet je wel eerst een hengst aan de bel geven en hopen dat de veerbaas je hoort aan de overkant, hetgeen zo blijkt te zijn.

Als ik overkant bereik, eerst maar eens wat eten. Een dubbele boterham met een lekker Roemeens gerecht. Ook de fles met druivensap van Overijsselse bodem gaat er goed in; Carolien en Reinder bedankt. Op naar het noorden, nu gaat het echt beginnen, het traject langs de IJssel was nog bekend vanwege het lopen van het Hanzepad met Margriet in 2010 en het fietsen van Dieren via Zwolle en Urk naar de Noordzee met dochter Irene in 2002. Donders, dat is al weer 12 geleden. Na de zonnige start is het nu toch wat meer bewolkt geworden. De mensen die ik tegen kom op de fiets zijn toch wat dikker ingepakt, eigenlijk ben ik wel een beetje een dissonant in mijn zomerse outfit. Het is eerlijk gezegd ook wel wat fris aan het worden. Nu rijd ik natuurlijk wel in de richting van de poolcirkel, maar zo snel zal het toch niet kouder worden? Het landschap is hier nog niet echt boeiend.

Genemuiden is wel een mooi plaatsje. Volgens mij heb ik hier een keer een routebord gemist, maakt niet uit, ik moet uiteindelijk bij de veerboot uitkomen en de weg die ik volg door het centrum is echt mooi. De veerboot is snel gevonden en moet mij naar de overkant van het Zwarte Water brengen. De veerdienst wordt onderhouden door Connexxion en je moet nog ouderwets een kaartje kopen. Aan de overkant vraagt een man op racefiets of ik hier bekend ben, ik zeg “een beetje, ik kom hier vandaag voor het eerst”. Ergens klinkt dit alsof er iets niet klopt. Hij moet via Meppel naar Hoogersmilde. Voor het overzicht neem ik soms een papieren kaart mee en zo doende wist hij snel de weg. Op mijn GPS had ik trouwens niet eens een kaart staan van Nederland, de Duitse stond er nog op. Ik had geen tijd meer om de Nederlandse kaart te laden. Eigenlijk fiets ik op een rij winnende lottogetallen en een kompas van Dieren naar Heerenveen. Eén bord missen en je kunt aardig in de problemen komen, hetgeen ook nog zou gebeuren later vanmiddag.

Na Genemuiden gaat het via Zwarsluis naar Sint Jansklooster. Uit deze laatste plaats kwam de Elfstedentocht winnaar van 1985 en 1986. Ja, hier ligt ook overal zoveel ondiep water, dat je hier als klein kind eerder kunt schaatsen dan kunt fietsen. De route valt wel wat tegen, de mooie stukken hier moeten nog komen. Op naar Blokzijl. De routeborden staan hier toch vaker laag bij de grond en aangezien er laag bij de grond nog andere planten groeien dan alleen routeborden loop je wel het risico er één te missen, dat overkomt me onderweg naar Blokzijl ergens. Ik mis opeens mijn winnende getal 44 op de borden. Het gevolg is dat ik wel in Blokzijl kom maar dan echt helemaal aan de oostflank. Op goed geluk rij ik maar naar het oosten, maar na 2 km vertrouw ik het niet helemaal als de weg ook nog naar het zuiden begint af te buigen. Mooi dat ik een kaart bij mij heb, toch maar even kijken wat wijsheid is; omdraaien dus en 2 km terug rijden naar Blokzijl.

Daar heb ik geen spijt van, eenmaal in Blokzijl aangekomen zag ik snel bord nummer 44 en kreeg ik een route door het mooie plaatsje. In de haven op een bankje langs het water heb ik maar even een theepauze gehouden en 2 boterhammen soldaat gemaakt. Het was wel frisjes uit de zon, dus de lange mouwen maar aangetrokken. Toch wel goed zo’n break voordat ik de laatste etappe ga pakken door De Weerribben.

Na Blokzijl kom ik door een klein gehucht met de naam Nederland, de plaatsnaam staat in het oranje op het bord. Na Nederland komt het mooiste gedeelte van de tocht, maar eerst dat shirt met lange mouwen weer uit, want het is warmer geworden. Met een mooi fietspad door De Weerribben naar Kalenberg. Dit komt mij bekend voor, want verleden jaar heb ik hier met Irene een kanotocht gemaakt. Nu De Weerribben bekijken vanaf de fiets, op een smal fietspad langs het water gaat het bruggetje op en bruggetje af. Wegen kom ik hier niet tegen, ik weet niet hoe ze dat hier doen met verhuizingen, maar dat zal wel per boot gaan. Het is dat er af en toe een groot plezierjacht voorbij komt, want anders waan je je zo in 1900. Het gaat zo een aantal kilometers door, totdat ik in Ossenzijl aankom, dan kom ik weer op een normale weg. De bewolking is onderwijl flink afgenomen en de lucht wordt steeds blauwer. De Friese grens moet nu niet meer ver weg zijn.

Inderdaad een paar kilometer verderop rijd ik Friesland in, toch wel kicken, ’s ochtends vertrekken uit Dieren en zo geleidelijk aan wel in een hele andere omgeving aankomen. In 1994 ben ik met mijn broer en zwager naar Drachten gefietst waar hij woont met mijn zus. Die tocht deden we in 2 dagen met een overnachting in een jeugdherberg in Meppel, we hadden toen een meer oostelijke route dan vandaag.

Nu opnieuw met de fiets in Friesland. Al snel passeer ik de begraafplaats bij Spanga met een klokkenstoel. Het landschap laat hier nog steeds veel water zien, Spanga schijnt zelfs veel geleden te hebben van een watersnood in 1825. Ik rij opnieuw veelal over vrij liggende fietspaden, het zijn smalle schelpenpaadjes, af en toe kom ik door een dorp, maar buiten de bebouwde kom waan je je alleen op de wereld in het open Friese land. De kilometers rijgen zich aaneen, ik ben niet echt moe. De benen werken nog goed mee, iets waar ik mij wel zorgen over heb gemaakt, plan B was om in geval van nood een treinstation minder ver te pakken, maar dat is nu niet meer nodig; Thialf ga ik halen!

Eerst nog één uitdaging; de oversteek over het riviertje De Tjonger. Voor de derde maal vandaag een veerpont, alleen deze moet je zelf bedienen, gelukkig ligt de boot op de oever waar ik aankom, anders had ik nog een extra keer mogen draaien aan de lier. Hup de boot op en draaien maar, wat ging het eerste stuk zwaar, maar je moet natuurlijk die ketting omhoog hijsen die op de bodem ligt, vooral niet los laten, want dat ding draait met een noodgang terug en dan mag je nog een keer. Op gegeven moment komt de boot in beweging, het gaat niet snel, en ik let maar niet op hoe ver ik nog moet, want je zou er bijna moedeloos van worden; ik dacht dat ik al genoeg beweging had gehad vandaag. Ook mooi is dat scheepvaartverkeer voorrang op de veerboot heeft. Gelukkig komt er geen boot aan, want dat was wel mijn zeemansgraf geworden die Tjonger, want zo snel gaat mijn badkuip niet vooruit.

Aan de overkant gaat het weer verder, ik bevind mij niet ver van het Tjeukemeer, dat doet mij denken aan een andere fietstocht, lang geleden in 1982. Ik woonde toen in Leek, in het westen van de provincie Groningen. In die tijd fietste ik 40 km per dag naar de HTS in Groningen. In de zomervakantie leek het mij wel wat om een fietstocht om het Tjeukemeer te maken, totaal 120 km, moet kunnen dacht ik. Op de heenrit had ik flinke tegenwind, en toen ik eenmaal de wind in de rug kreeg had ik toch behoorlijk last van mijn benen. De laatste 20 km ben ik geloof ik van hectometerpaal naar hectometerpaal gereden om thuis te komen. Sindsdien is 120 km toch lang een psychologische barrière gebleven, waar ik pas in de negentiger jaren doorheen ben gebroken.

Vrij vlot kom ik nu op een provinciale weg en tik ik de laatste kilometers naar Heerenveen weg, de zon begint al te zakken en als ik mijn fiets tegen het plaatsnaambord Heerenveen (It Hearrenfean) zet voor een foto, worden er al lange schaduwen geworpen. Nu eerst naar Thialf, de schaatstempel van Nederland en even een foto maken voor mijn zus als “bewijs” dat ik het heb gehaald ;-). Daarna een soort van ererondje naar het NS station van Heerenveen. De teller eindigt op 145 km. De terugreis heb ik per trein afgelegd. Het zal vandaag de laatste lange fietstocht zijn van dit seizoen. Doordat september zo’n mooie zomermaand is geworden heb ik deze maand nog 370 km gefietst. In de periode juli t/m september heb ik 800 km gefietst, dit in combinatie met een flinke reductie in het eten van bananen en muesli en andere lekkernijen heeft geresulteerd in 5 kilogram gewichtsverlies. Dat was ook wel nodig want de afgelopen jaren ben ik toch zo’n 5 kg zwaarder geworden. Misschien moet ik maar een boek gaan schrijven over dit dieet 😉

Wolfhezetocht

Zondag 24 augustus 2014, twee weken geleden moest ik de tocht richting Wageningen uitstellen vanwege de harde wind. Dit keer stond er minder wind, maar de kans op buien was vandaag zeker geen nul. De afgelopen weken heb ik 2 fietstochten en 2 wandelingen met Margriet kunnen maken van het Trekvogelpad ondanks dreigende buien en alle 4 keren is het goed gegaan. Vandaag zal ik de weergoden opnieuw uitdagen …

Uit het bekende boekje van vorige keer pak ik de Wolfhezetocht, ik had hem al ingetekend voor de GPS, dus dat scheelt weer. Omdat ik de Wolfhezetocht pas in Oosterbeek oppak heb ik voor de heenweg een mooie route uitgezet door de bossen naar Oosterbeek. Er zal weer het nodige klimwerk inzitten. Het eerste stuk van de route gaat vanaf Laag-Soeren richting de Posbank. Er zijn opvallend veel wielrenners en mountainbikers op de weg. Ver voor de Posbank pak ik het fietspad richting de Imbosch om na verloop van tijd bij de A50 uit te komen en daar de fietsbrug te pakken naar de overkant. Het is allemaal vrijliggend fietspad, af en toe kruis je een weg en je komt uiteindelijk bij de Airborne begraafplaats in Oosterbeek uit. Hier even een rustpauze en een kort bezoek aan de begraafplaats.

Even verderop pak ik de eigenlijke route op van 49 km. Door de bossen gaat het richting Renkum, via de Italiaanseweg. Als ik op wat meer open terrein kom dan zie ik dat de stapelwolken in het westen toch wel flink aan het groeien zijn. Bij de Rijn wordt het even kijken aan welke kant ik langs de A50 de overkant kan bereiken. Uiteraard gok ik verkeerd. Op de brug een mooi uitzicht, als automobilist heb je dit niet vanwege de schermen. Nu echter kan ik vrij naar het zuidoosten kijken en zie de heuvelrug ten zuidoosten van Nijmegen; ook de nieuwe brug bij Nijmegen over de Waal, de Oversteek, kan ik duidelijk zien.

Aan de overzijde van de Rijn kom ik in Heteren en fiets ik via de dijk langs de rivier naar het westen. In de verte zie ik het de lichtmasten van het voetbalstadium van Wageningen op de Wageningse Berg. Maar ik zie nog meer, opkomende buien vanuit het westen. Aan deze kant van de Rijn is alles open, dus het wordt zaak om zo snel mogelijk bij de veerboot te komen; het Lexkesveer, aan de oostkant van Wageningen, welke mij moet overzetten. Als ik 5 km verderop bij de boot kom heb ik mazzel, ik rij mijn fiets de boot op en de boot vertrekt. De regengordijnen uit het westen komen snel dichterbij. Als ik aan de overkant de boot af fiets vallen de eerste druppels. Het begint direct stevig te regenen. Er is wel een bushokje, maar je staat daar volop in de wind. Dat betekent een douchecabine met alleen stromend koud water. Honderd meter verderop is de bosrand, dan maar onder de bomen schuilen, ik heb geen regenkleding meegenomen. Er schuilen al een paar mensen. Als ik aankom stop ik eerst het fietsshirt met lange mouwen in de tas, dan heb ik straks nog semi droge kleren. Over het shirt met korte mouwen trek ik mijn windjack aan. Het windjack is echter niet waterdicht, anders hadden ze het wel regenjack genoemd. Op gegeven moment regent het onder bomen net zo hard als in het open veld. Ik wordt zeiknat en probeer in ieder geval mijn lange fietsbroek en schoenen nog een beetje droog te houden, dat lukt aardig goed. Na een minuut of 20 wordt het bijna droog. Wat een kloteweer, ach ja ik heb weer het nodige risico genomen en je kunt niet 5 keer achter elkaar geluk hebben. Wie zijn kont verbrandt moet op de blaren zitten, in dit geval op een nat zadel zitten. Ik hoop stilletjes dat straks op de Ginkelse hei het zonnetje schijnt en ik weer wat kan bij drogen. Als ik weg fiets heb ik het de eerste meters stervenskoud. Door de bossen gaat het, ten oosten van Wageningen, verder in noordelijke richting, bij het intekenen voor de GPS heb ik een zandweg ingeruild voor een betonnen fietspad, ben ik even blij. Verderop begint het opnieuw te regenen, maar dit keer valt het mee. Er zit niets anders op dan door te fietsen, met de fiets op de trein naar huis is geen optie, ik heb mijn ov-chipkaart en pinpas thuis laten liggen. Ook mijn identiteitsbewijs ligt thuis, dat betekent een beetje opletten bij de stoplichten straks tussen Arnhem en Dieren

Als ik bij de spoorbaan ten oosten van Ede kom zie ik al flinke opklaringen in het westen en die kant moet ik op. Bij het station Ede breekt de zon echt goed door, ik verwissel mijn windjack en mijn natte shirt voor mijn klamme shirt met lange mouwen. Nu zorgen dat ik aan de noordkant van Ede uitkom en dan de Ginkelse hei op. Toch nog een mazzeltje, het zonnetje is mij goed gezind, op de Ginkelse heide even een rustpauze, precies op het fietspadkruispunt waar ik verleden jaar op een vroege zaterdagochtend een stop maakte op weg naar Amsterdam. Verderop bij de schaapskooi is een vliegerfeest aan de gang, ook maar even een stop gemaakt. Niet te lang blijven hangen, want in het westen lijkt opnieuw de lucht te betrekken. Aan de andere kant zal het me ook een rotzorg zijn, ik ben daarna toch vrij snel weer in Oosterbeek en dan nog een klein stukje naar Dieren.

Weer verder over de oostkant van de Ginkelse Heide naar het zuiden, onder de A12 door kom ik weer bij de spoorbaan uit. Met een mooi fietspad gaat het richting Wolfheze. In Wolfheze pak ik de Duitsekampweg. Dit heeft niets met de Tweede Wereldoorlog te maken, maar met de eerste; tussen 1915 en 1917 was er in verband met de Eerste Wereldoorlog was er een kamp voor Duitse geïnterneerden. Op fietstochten in het verleden ben ik hier vaak langs geweest, een beetje een déjà vu-gevoel. Nog een klein stukje en ik ben weer in Oosterbeek.

De laatste etappe naar huis doe ik niet over de Veluwe, ik heb genoeg geklommen voor vandaag. Margriet rijdt op haar elektrische fiets in een uur van Oosterbeek naar Dieren, dat zal mij niet lukken op het laatste stuk, ik begin mijn benen wel te voelen. Ik besluit min of meer langs de spoorbaan naar Arnhem te rijden, je hebt dan een paar mooie fietspaden en geen last van autoverkeer en het autoverkeer heeft geen last van mij. Bij Mariëndaal heb ik nog een mooie laatste klim. Inmiddels komt er vanuit het westen weer een stevige bui opzetten, waarschijnlijk het resultaat van de dreigende lucht welke in op de Ginkelse Heide al in het westen zag. Je kunt inmiddels wel stellen dat de zomer na de eerste week van augustus het hazenpad heeft gekozen, het schijn zelfs de koudste augustus te worden na 1993. Als het begint te regenen heb ik een mooie schuilplaats. Ik sta onder een boom waarvan de stam in een soort van S-bocht omhoog groeit, ik sta mooi droog en drink onderwijl een warme bak thee uit mijn thermosfles. Als het droog wordt rij ik via Heienoord Arnhem in en fiets ik bovenlangs naar het Centraal Station van Arnhem.

Van Arnhem naar Dieren rij ik weer in het zonnetje, maar ten noorden van Dieren trekt een mooie dreigende lucht langs waar ik geen last meer van heb. Thuis duurt het niet lang of er passeert een volgende flinke bui, waarin ook nog hagel zit. Ik stap nu onder een warme douche. Als ik later de GPS uitlees blijk ik toch nog meer dan 600 meters geklommen te hebben, het is de eerste tocht dit jaar in de categorie 100+.

Raventocht

Zaterdag 9 augustus 2014, ik had gepland om richting Wageningen te gaan en onder andere een stukje langs de Rijn te fietsen, maar windkracht 5 tegen leek mij niet zo’n strak plan. Dus ’s ochtends het plan maar omgegooid en gekozen voor een route over de Veluwe. Ik heb nog boekjes met fietsroutes liggen waar ik vele routes uit heb gefietst in de periode 1991 – 2004. Het boekje Fietsen in de wijde omgeving van Arnhem bevat een mooie route over de Veluwe. Het is route nummer 3 De Raventocht. De route heeft een a, een b en een c variant, de eerste 2 heb ik al gereden in 1999 en 2000. Ik heb de onhebbelijke gewoonte om de datums erbij te schrijven als ik een route heb gereden. Deze boekjes worden tegenwoordig niet meer verkocht en GPS tracks heb ik ook niet kunnen vinden, dus ’s ochtends zelf maar even de route ingetekend en op de GPS gezet.

’s Middags even naar tweeën de fiets gepakt en via Laag Soeren de Veluwe op. Ik was nog geen 5 km van huis en ik pakte toch nog een klein regenbuitje mee. Het stelde niet veel voor, waarschijnlijk gaf de Veluwe net voldoende verticale lift om nog een bui eruit te persen. In de bossen heb je dan weinig last van wind, ter compensatie mocht ik nu meer klimmen; de wet tot behoud van ellende. Via de Imbosch en de brandtoren en Rozendaal naar Arnhem-Noord. Hier waren de gevolgen van de wateroverlast op 28 juli nog steeds zichtbaar. Een wonderlijke dag was dat, op het vliegveld Deelen viel 130 mm en thuis in Dieren slechts 15 mm.

Na de afdaling tot Arnhem-Noord mocht er in Arnhem weer flink geklommen worden en ik ben al niet zo’n klimgeit  Met de fiets door het Klarendal park was erg mooi. Daarna via wat fietstunnels onder de snelwegen van knooppunt Waterberg door op weg naar Deelen. Toen ik bij Deelen even een pauze nam om wat te drinken schoot er een enorme kramp in m’n beide bovenbenen toen ik van de fiets afkwam. Ik kon bijna geen poot meer verzetten, van pure ellende ben ik maar weer op de fiets gestapt en verder gereden en had nergens meer last van.

Na Hoenderloo volgden en een paar mooie fietspaden, het is lang geleden dat ik hier voor het laatst heb gefietst. Toen ik in de periode 2003 – 2008 iedere dag op de fietst naar Arnhem ging voor mijn werk is het rijden van fietsroutes van het radarscherm verdwenen. In 2010 heb ik nog bijna wekelijks naar Deventer gefietst voor mijn werk. Maar sinds 2011 werk ik in Eindhoven en dat is net een beetje te ver. Vanaf 2012 pak ik het fietsen van routes weer op.

Tussen Hoenderloo en Beekbergen krijg ik zelf afdalingen van 10%. Buiten Beekbergen wordt het terrein weer open en op gegeven moment kom ik langs wel erg dure huizen. Het woord crisis zal wel niet voorkomen in het woordenboek van de bewoners. Onder de A50 door gaat het richting Loenen. Even voor Loenen bij de waterval volgt een mooi pad langs de beek, je komt niemand meer tegen. Hier blijkt dat ik de route niet juist heb ingetekend, want de beschrijving die ik heb meegenomen wijkt af van de GPS track. De kaart thuis was niet duidelijk en bij het intekenen moest ik een gok nemen. Helaas heb ik verkeerd gegokt, een casino loopbaan is aan mij ook niet besteed. Uiteindelijk pak ik het juiste pad weer op en schieten we diep de bossen in. Op gegeven moment springt er een jonge ree een paar meter voor mij over het fietspad, het ging allemaal zo snel voordat je er erg in hebt is het beest al weer verdwenen.

Het laatste deel zit er nog het nodige klimwerk in. Als ik weer bij de Imbosch ben is de route weer rond, maar ik moet nog wel naar huis. Eerst een stukje klimmen naar de Schaapsallee en daarna nog een stuk verder omhoog naar de parkeerplaats bij de observatiepost van de Elsberg. De GPS geeft aan dat ik mij nu op 90 meter hoogte bevindt. Even verderop begint het fietspad De Lange Juffer; een mooi afdaling naar Dieren. Om kwart voor acht ben ik weer thuis en heb een mooie tocht van 82 km gereden, volgens de GPS heb ik in totaal 700 meter geklommen. Na het lichte regenbuitje de eerste kilometers is het verder droog gebleven.

Pastatocht 2014 Dieren – Nijmegen – Dieren

Zaterdag 26 juli 2014, de derde editie van de Pastatocht stond op het programma, tenminste als de weergoden willen meewerken vandaag. Pas op het laatste moment heb ik de knoop doorgehakt en besloten om de weergoden flink te verzoeken en het risico van drijfnat regenen te nemen.

Op de buienradar is te zien dat het verder naar het noorden niet pluis is en in dit geval begint het noorden al bij Apeldoorn. Echter, de buienzone verplaatst zich maar langzaam naar het zuiden. Om 10 over 2 pak ik de fiets en ga op weg van Dieren naar Nijmegen Dukenburg. Vanwege de niet al te denderende weersvooruitzichten besluit ik een korte route voor de heenweg te nemen met weinig fotostops. Dit betekent via de dorpenroute rechtstreeks naar het centrum van Arnhem fietsen. Als ik Arnhem binnen rij voel ik toch een paar druppels vallen en de lucht rechtsachter mij ziet er echt niet goed uit. Wat moet ik doen? Ik besluit om door te fietsen zolang het niet echt begint te regenen. Na 50 minuten fietsen passeer ik de V&D en vervolg mijn weg naar de John Frostbrug. Aan de andere kant van de brug volg ik een fietspad over de Rijndijk naar het westen en rij zo onder de Nelson Mandelabrug door. Ik had van te voren wat knooppunten uitgezocht voor de route en via een fietsvriendelijke route rij ik door het zuiden van Arnhem via de wijk De Laar en de Rijkerswoerdse Plassen richting Elst.

De regen heeft niet doorgezet, het is bij een paar druppels gebleven. De trip verloopt voorspoedig en via Elst rij ik naar Oosterhout. Als ik daar even een drinkpauze hou dan ziet de lucht er verder naar het noorden dreigend uit, maar ik hou een ruime voorsprong en verwacht dat ik droog in Nijmegen – Dukenburg ga komen. Als ik bij Nijmegen de brug over de Waal neem via de Snelbinder dan heb ik nog maar 33 km gereden, zeker een korte route. Alles heeft z’n prijs, deze korte route was zeker niet de mooiste route naar Nijmegen, maar zeiknat regenen op een mooi traject is ook een typisch geval van jammer. In Nijmegen permitteer ik mij om nog een mooie slinger te maken door de stad naar Dukenburg in het zuiden vlakbij de A73. Deze slinger levert mij nog 11 km op. Na tweeënhalf uren fietsen met een kwartier rust kom ik bij mijn dochter Margré aan; de pasta staat al in de oven.

De eerste heft van de tocht is droog verlopen en we kunnen zelfs nog een tijdje buiten eten. Maar uiteindelijk begint het toch te regenen en gaan we naar binnen. Na het eten bekijk ik even de buienradar en zie dat ik een mooie kans maak om ook de terugtocht droog over te komen.

Om 10 over 7 is het tijd voor de terugreis. Ik moet niet in het donker thuiskomen, want mij voorlamp heeft het begeven. Margré fiets nog even mee naar het Maas-Waal kanaal. Af en toe vallen er nog een paar druppels, maar het zijn wel de laatste, nat worden doe je er niet van. Margré neemt afscheid en ik vervolg mijn weg weer alleen naar Dieren en steek het kanaal over via de Graafse brug langs de spoorlijn Nijmegen – Den Bosch. Even verderop kom ik langs het nieuwe NS station Nijmegen De Goffert, wat nog volop in aanbouw is. Fietsen door Nijmegen is erg gemakkelijk met tal van fietsvriendelijke routes, wat wil je ook in een studentenstad.

Het weer begint snel op te klaren en het zonnetje komt te voorschijn. Ik heb het goed gepland vandaag, de mooiste route heb ik voor ’s avonds bewaard en dit gaat met een mooi avondzonnetje gepaard. Als ik de Waal oversteek via de grote Waalbrug ontvouwt een mooie blauwe lucht zich voor mij. In de verte zie ik nog een flinke cumulonimbus, maar dat mag de pret niet drukken. Het is avond en door de dalende temperatuur worden de buien niet langer gevoed en zal het wel goed komen. Ten noorden van de Waalbrug zijn ze flink aan het graven om de rivier meer ruimte te geven in de toekomst. Ik volg een tijdelijke weg om de bouwput heen en een eindje verderop kom ik weer op de Waaldijk van Lent naar Bemmel. Dit blijft altijd een mooi traject, wat ik sinds de negentiger jaren al diverse keren heb gefietst.

Net ten noorden van Bemmel kruis ik de spoorlijn van de Betuwelijn, een mooi moment om nog even een banaan te eten, inmiddels kan ik de 4 nieuwe windmolens bij Duiven ook al zien. Iets ten noorden van Bemmel kom ik het Frontlinie fietspad tegen en besluit ik toch even van mijn geplande fietsroute af te wijken. Als ik bij de Linge uitkom is de fietsbrug inmiddels ook gereed. Verleden jaar stond ik hier nog met mijn goede gedrag en werd het omrijden. Nu de Linge overgestoken en daarna langs de Linge naar het oosten om de geplande route weer op te pakken ten zuiden van Huissen. Het stukje bij Huissen had ik iets beter moeten plannen, want ik kwam nu langs veel industrieterrein. Het centrum van Huissen maakt weer veel goed.

Nu maar hopen dat die veerboot bij Huissen over de Rijn nog vaart, volgens de website zou hij tot 22 uur varen, maar je weet maar nooit. Als ik er naar toe fiets is het op de weg wel akelig stil, als hij toch tot 20 uur vaart heb ik een probleem en moet ik alsnog via Arnhem fietsen. Gelukkig de veerboot vaart nog. Als ik bij de veerstoep aan kom komt de veerboot juist mijn kant op met diverse auto’s erop. Als ik een paar minuten laten met mijn fiets de veerboot op fiets ben ik de enige passagier die wordt overgezet.

Als ik aan de noordzijde van de Rijn de veerboot af fiets begint de avond te vallen. Als ik richting het zuidwesten kijk zie ik een geweldig mooie buienwolk die van achteren door de zon wordt beschenen. Het gevolg is dat deze mooie wolk van een gouden randje wordt voorzien. Het gevaarte bevindt zich op grote afstand, ik maak er een mooie foto van. Ik ben blij dat ik het risico genomen heb vanmiddag. Het laatste deel van de tocht gaat langs de Rijn richting de IJssel. Ook hier hebben ze de afgelopen jaren flink gegraven om de rivier in het geval van hoog water meer ruimte te kunnen geven. De veerboot bij Rheden over de IJssel vaart nu niet meer, dus bij Duiven pak ik het fietspad langs de A12 over de IJssel. Op de westbank fiets ik door de uiterwaarden de voor mij bekende fietsroute richting Dieren die ik in de periode 2003 – 2008 dagelijks heb gefietst toen ik nog op IJsseloord 2 werkte. De batterij van mij GPS had het echter zwaar op dit traject. Ik was vergeten vooraf de batterijen te laden. In Nijmegen klaagde de GPS al, maar door het elektronisch compas uit te zetten hebben de batterijen het nog tot vlak bij Rheden uitgehouden. Het laatste spoortje mist dan ook op het kaartje.

Fietstocht naar de Oude Rijn

Zondag 20 juli 2014, vandaag stond de volgende tocht op het programma, het doel was 60 km of meer. Het was wel zaak de weersverwachting eerst goed te bekijken. Gisteren zijn er langs de Noordzeekust en langs de Waddenkust in Nederland en Duitsland historisch hoge temperaturen geschreven. Vandaag moet er een lichte afkoeling komen. Als ik ’s ochtends vertrek ligt er een buiengebiedje boven België wat deze kant opkomt. Ik neem de gok toch maar, dan maar tijdelijk ergens schuilen.

Het doel is om een ritje naar Elten te maken net over de Duitse grens. Ik vertrek rond kwart over negen. Het eerste stuk van de route gaat via Doesburg. In Doesburg kun je nu via de nieuwe IJsselboulevard rijden, vervolgens langs de IJssel richting Wielbergen. Via de knooppuntenfietsroute kom ik ten noorden van Zevenaar langs en via Didam bereik ik de Duitse grens. Tenminste op mijn GPS zie ik dat ik Duisland in fiets en de verkeersborden zien er wat anders uit, voor de rest staat er geen officieel bord wat erop wijst dat je nu in het land van de Weltmeister rijdt 😉

Het eerste deel van de tocht was nog redelijk bewolkt en volgens de planning moest ik nu een bui krijgen, maar in plaats daarvan begint de zon steeds beter door te breken. Even verderop kom ik in Elten en maak ik een mooie zonnige foto van het oude kerkgebouw. Bij een enkel huis hangt nog steeds de Duitse vlag uit in verband met het gewonnen WK voetbal. Dit herinnert mij er aan dat ik nog steeds de oranje schoenveters in mijn schoenen heb.

Het bezoek aan Duitsland is echter een kort bliksem bezoek. Ik fiets richting Lobith en passeer weer snel de Nederlandse grens. Direct na passage van de Nederlandse grens sla ik rechtsaf en volg een prachtig grintpad langs de Oude Rijn. In het verleden heeft de Rijn diverse routes gebruikt, die nogal eens wisselden na overstromingen. Het gevolg is een prachtig natuurgebied. Langs Herwen en Aerdt kom ik ten noorden van Pannerden uit en daar krijg ik weer een prachtig fietspad over een dijk, welke is afgesloten voor auto’s. Ik besluit om een variant van mijn route te maken en het pad iets langer te volgen.

Het wordt nu wel zaak de lucht in de gaten te houden, want achter mij, richting Kleve, begint de lucht toch meer dicht te trekken. Dit doet mij terug denken aan een fietstocht welke ik in juli 2002 heb gemaakt naar Kleve. Het was die dag tropisch warm en op de terugweg zie ik achter mij de lucht helemaal zwart worden. Ik dacht kan ik gelijk checken of een rivier een onweersbui weet tegen te houden. Ik had hier zo mij vraagtekens over. En terecht, toen ik met de pont was overgestoken bij Millingen aan de Rijn heb ik de longen uit mij lijf moeten fietsen voor een schuilplaats. Ik heb toen ergens onder een viaduct van de Betuwelijn, die in aanbouw was, geschuild.

Verder fietsend over dit mooie traject kom ik uit waar de Betuwelijn in een tunnel verdwijnt onder het Pannerdensch Kanaal. Toen ik hier voor het laatst was, ergens in 2000 of 2002, was dit nog een grote bouwput. Nu wordt het zaak de geplande route weer op te pakken. In Groessen moet ik een weg oversteken die de vreemde naam Lijkweg draagt. Aangezien ik nog niet levensmoe ben besluit ik extra goed uit te kijken. Het is gelukt.

Even later fiets ik door de buitenwijken van Duiven en kruis de A12 en kom weer in een mooi landelijk gebied uit. Al hoewel, onlangs zijn hier 4 windmolens neergezet, die van heinde en ver te zien zijn. Dat is de prijs voor onze welvaart zullen we maar denken. Als we nu ook nog een alternatief weten te vinden voor het Russische gas dan zou dat helemaal prachtig zijn. Dit gebied ken ik op mijn duimpje. Langs de IJssel fiets ik bij het pontje bij Rheden nog even door op de oostoever. Ik zie wel altijd dat hier een weg loopt, maar ik ben er nog nooit geweest.

Terug pak ik de pont over de IJssel en om toch nog een nieuw stuk weg te kunnen fietsen, pak ik een mooi traject ten oosten van de A348 door de Havikerwaard. En zo kom ik thuis. Nat van de regen ben ik niet geworden, hooguit nat van het zweet. Rond half twee ben ik weer thuis en heb ik 71 km weggetrapt, dat is niet verkeerd op een fiets die door eigen spierkracht wordt aangedreven. Als ik dit verslag buiten zit te typen vallen er af en toe wat regendruppels op mijn laptop. Ik besluit maar om het verslag binnen af te maken, anders valt de tocht alsnog in het water.

Oude IJsseltocht

Zaterdag 12 juli 2014, het is lange tijd druk geweest, maar nu is het weer tijd om de kop leeg te fietsen. Er staan nog wat tochten op het programma dit jaar en ik loop hopeloos achter. Vanmiddag de fiets gepakt en bij Dieren de pont over de IJssel genomen. Op de campings aan de oostkant van de IJssel zijn de Duitsers inmiddels ook weer gearriveerd. Van mij mogen ze morgen het WK winnen van Argentina,  sorry Maxima, maar je was toch voor Nederland en we liggen er helaas uit. Via een aantal knooppunten richting Hummelo gefietst. Vandaar het Hessenpad richting de Kruisberg gevangenis in Doetinchem genomen. Dit blijft een mooi stuk fietspad zo langs een zandweg, je waant je gelijk een paar eeuwen terug in de tijd, de GPS op het stuur herinnert je eraan dat we in de 21ste eeuw zitten.

In Doetinchem moet je je even door de stad heenwerken om aan de andere kant de Oude IJssel op te zoeken. Inmiddels is er weer een stuk weg langs de rivier opgesteld voor fietsers. Het mooie weer van vandaag lokt veel mensen naar buiten en zeker langs het water was de aantrekkingskracht groot. Sommige mensen begaven zich ook in de rivier. Bij Laag Keppel even een ijsje gescoord, dat had ik wel verdiend vond ik. Vervolgens langs de Oude IJssel richting Doesburg gefietst. Eenmaal terug in Dieren stond de teller op 48 km, dat is toch een mooie afstand voor vandaag. Vergeleken met verleden jaar is het niets, toen fietste ik op 6 juli naar Amsterdam.

Voorjaarsritje 2014

Zondag 16 maart 2014, als opening van het seizoen een korte fietstocht gereden. Vanaf Dieren naar Spankeren en ten oosten van de spoorlijn naar Brummen en een rondje Voorstonden – Oeken – Brummen gemaakt en toen weer terug naar Dieren. In Oeken kwam ik langs het hotel waar een tijdje terug een flinke brand heeft gewoed en Poolse arbeidsmigranten op een tragische wijze de dood vonden.

Er stond veel wind en de zon kwam slechts af en toe even tevoorschijn, maar het was goed weer op de fiets te zitten en wat kilometers weg te trappen. De 31 km zijn een mooi begin. Binnenkort maar weer eens nadenken wat een mooi fietsdoel is dit jaar om te bereiken.


Pastatocht 2013 Dieren – Nijmegen – Dieren

Zaterdag 8 juni 2013, op deze dag heb ik de tweede editie van de Pastatocht gereden van Dieren via Millingen aan de Rijn naar Nijmegen en via Arnhem weer terug. De eerste editie was verleden jaar augustus.


Het bijzondere van deze editie waren de hoge waterstanden in de rivieren, Door de hevige regenval in Centraal Europa is er een ware watersnood in het stroomgebied van de Donau, de Moldau en de Elbe. Ook het stroomgebied van de Rijn heeft een tik meegekregen. Sinds dat ik 1989 in Dieren ben komen wonen heb ik het water van de IJssel nog niet zo hoog zien staan in juni. Op een grote gedenksteen bij de veerstoep in Dieren moet het water op 1 juni 1983 nog veel hoger hebben gestaan.

Vanwege het hoge water was het noodzaak om de dagen vooraf aan de rit in de gaten te houden of de veerpontjes nog wel zouden varen. Enkele veren waren uit de vaart genomen, maar het voetveer bij Rheden kon blijven varen, evenals het belangrijke voetveer bij Millingen aan de Rijn tegen de grens met Duitsland. Als je er te laat achter komt dat dit veer niet vaart dan moet je alsnog via de brug bij Emmerich de Rijn over. Maar goed dat hoefde deze dag niet.

’s Middags om 2 uur vertrokken met een strakke wind in de rug naar het zuiden. Via het voetveer bij Rheden de IJssel over en daarna door het open land naar Duiven. Nabij Groessen passeer ik de Betuwelijn en dan ga je door een gebied waar vroeger allerlei takken van de Rijn hebben gelopen. Dit is een mooi gebied om doorheen te kruisen. Ik ben hier dan ook goed bekend vanwege diverse tochten naar Kleve (D) in het verleden. Vanaf Pannerden gaat het richting Rijn. Hier is de Rijn op z’n breedst, omdat de splitsing van de Waal stroomafwaarts ligt.

Het voetveer naar Millingen aan de Rijn legt normaal aan bij het uiteinde van een krib in de rivier, maar deze krib is geheel in het water verdwenen en de boot legt nu aan op de oever in een weiland. Ik kom precies op tijd, de boot is al aardig vol, maar ik kan er nog net bij. De overtocht over de brede Rijn is een mooie belevenis, vooral als er net een groot vrachtschip passeert en het voetveer begint te stampen op de golven. Ooit, in 1943, is hier eens een voorganger van dit voetveer omgeslagen en zijn er doden gevallen. Vandaag gelukkig niet en we bereiken veilig de overkant. Langs de Duitse grens gaat het verder naar de heuvelrug ten oosten van Nijmegen. Bij Beek moet ik er overheen via een gemene klim naar Berg en Dal, nu begrijp ik weer waarom ze dit dorp zo genoemd hebben. Daarna wordt het appeltje eitje, via een lange afdaling gaat het naar de zuidkant van Nijmegen. Nu even opletten dat ik niet mis rij in al die doolhoven, na één misser, welke feilloos wordt vastgelegd in de GPS bereik ik Tolhuis, het hoofddoel van deze tocht. Ik arriveer om half 6, 55 km in 3,5 uur is netjes als je onderweg nog de nodige foto’s moet maken.

Nu eerst een paar uur rust en bij dochter Margré op bezoek en een flink bord met paste lasagne eten, zodat er weer genoeg brandstof is voor de terugrit.

Tegen acht uur ’s avonds wordt het weer tijd om te vertrekken naar Dieren. Aangezien er een stevige wind waait, ook ’s avonds nog, moet ik het niet te laat maken, omdat ik anders te lang in het donker moet fietsen en daar is weinig aan te beleven. In Nijmegen hebben ze het goed voor elkaar voor fietsers, ze hebben daar complete fietsstraten, waar de automobilist te gast is, zoals zo mooi op de borden staat. Via de snelbinder, welke naast de spoorbrug ligt, knal ik tegen de wind in naar Lent, het dorp wat helemaal geannexeerd is door Nijmegen. Vanaf Lent doe ik maar een tandje lager tegen de wind in door de Over Betuwe.

Het eerste stuk gaat over de Waaldijk. Hier zie ik een informatiebord over de IJssellinie, toch vreemd als je langs de Waal fiets. Maar even afstappen en kijken wat het precies is, ik had al een vermoeden en dat werd bevestigd. De IJssellinie was een verdedigingswerk uit de Koude Oorlog om het gebied tussen Nijmegen en Zwolle deels onder water te laten lopen om een opmars van Russische tanks te vertragen. Vanaf 1945 hebben we 45 jaar moeten wachten op deze boeven uit het oosten, maar ze zijn nooit gekomen, in 1990 hebben we de moed maar opgegeven en rest ons een interessant monument uit de Koude Oorlog. Ik zie alleen containerboten uit het oosten komen. Intussen hebben ze gelukkig weer een nieuw speeltje bedacht: the war on terrorism. Voorbij Bemmel kom ik een nieuw stuk fietspad tegen, het eindigt bij de Linge, waar de brug nog in aanbouw is. Ga ik linksaf of rechtsaf naar de volgende brug? Ik gok op links, maar volgens mij was rechts mooier geweest. Jammer, volgende keer beter, er staat genoeg tegenwind, dus extra kilometers gaan we niet doen vanavond. Bovendien begint de zon toch snel te zakken. Door mijn foute keuze mis ik ook nog een mooie foto van een zonsondergang; je kunt niet alles hebben. Nu eerst Arnhem doorkruisen van zuid naar noord via de John Frostbrug; de enige echte brug in Arnhem. De laatste kilometers leg ik af in het donker, gelukkig heb ik de fietslamp meegenomen. Vanaf Rheden begin ik iedere oneffenheid in de weg te voelen in mijn benen, maar dat mag ook met de 100 km in zicht. Om elf uur parkeer ik de fiets in de schuur, over de 45 km terugtocht tegen de stevige wind in heb ik precies 3 uur gedaan.

Het was een mooie middag en avond, en ik ben klaar voor een enkeltje naar Amsterdam!

Voorjaarsritje naar Emmerich

Zaterdag 4 mei 2013, het wordt tijd om het aantal kilometers weer op te krikken. Het zomerseizoen komt er weer aan en er staat dit jaar nog een tocht enkele reis Dam te Amsterdam op het programma.


’s Middags om 2 uur de fiets gepakt om een tocht te maken naar Emmerich am Rhein in Duitsland. Het is al weer lang geleden dat ik hier voor het laatst met de fiets ben geweest. De vorige keer was volgens mij in 2007. Ik besluit om de kortste weg te pakken. De nieuwe fietsrouteplanner van de Fietsersbond kan mij daar goed bij helpen. Ik maak een kleine variatie op de route, want anders moet ik twee keer klimmen in het Montferland. Gezien de afstand vind ik één keer klimmen genoeg.

De grens passeer ik tussen Stokkum en Borghees, alleen fietsers en voetgangers kunnen hier langs. Je ziet hooguit aan de bebouwing en de bewegwijzering dat je in Duitsland bent aangekomen. De natuur ziet er prachtig uit en de bomen beginnen nu ook flink uit te lopen, andere jaren gebeurde dit een maand vroeger. Dit jaar is het voorjaar echter zeer koud, iets wat we niet meer gewend zijn de laatste 25 jaar.

Na de grens is het nog een paar kilometer naar de Rhein brug in Emmerich. Dit schijnt één van de grootste rivier bruggen in Duitsland te zijn, de afstand tussen beide staanders bedraagt 500 m heb ik ooit eens gemeten met mij kilometerteller.

Nu op naar de Rheinpromenade in Emmerich om even lekker in het zonnetje te zitten. Ik heb er nu zo’n 35 km op zitten en ik moet nog een vergelijkbare afstand naar huis met veelal tegenwind. Eerlijk gezegd heb ik de wind een beetje onderschat, want buiten Dieren stond toch duidelijk meer wind dan ik had verwacht.

De terugweg pak ik via Elten, onderlangs Hoch-Elten en het Montferland, want dat scheelt mij het nodige geklauter en via Didam kom ik om kwart over 6 weer thuis in Dieren.

Fietsen door winterlandschappen op en langs de Veluwe

Zaterdag 16 februari 2013, half februari beginnen de dagen al weer merkbaar te lengen, het wordt pas na 6 uur donker. Een mooie dag om vanmiddag na 4 uur nog even een tocht te fietsen van 35 km over de Posbank en langs de IJssel.


In het dorp is de sneeuw verdwenen, maar op weg naar de Posbank was dit zeker niet het geval. Delen die in de schaduw lagen waren nog wit en hogerop werd het steeds witter. De fietspaden waren over het algemeen nog goed te berijden, meestal was er wel een strook asfalt vrij. Boven de langzaam smeltende sneeuw vormden zich wel mooie mistbanken, dit gaf een adembenemend schouwspel. Boven op de Posbank waren toch een aantal wegen afgesloten. Als fietser trek je je hier natuurlijk niets van aan. Bovendien is Margriet er niet bij dus de kans dat ik een dienstklopper tegen kom is verwaarloosbaar klein. De ervaring heeft geleerd dat met Margriet erbij dit nog wel eens verkeerd wil uitpakken.

Op gegeven moment begreep ik wel waarom ze de wegen hadden afgesloten want het was af en toe flink glad en er was dan ook geen strook asfalt meer vrij. Met snelheden tussen de 30 en 40 km/uur naar beneden raggen, zoals normaal wel kan was er niet bij. De afdaling richting Velp was daarom dan ook flink oppassen. Beneden in Velp was alle sneeuw verdwenen en kon het tempo weer omhoog richting de IJssel, want ik moet wel voor het donker thuis zijn.

Ook hier had de gemeente weer de weg afgesloten, nu niet vanwege de sneeuw, maar vanwege het hoge water. Inmiddels was het water wel zover gezakt dat ik ook deze borden heb genegeerd. En hier kreeg ik geen spijt van, in de uiterwaarden lag nog veel ijs, maar het fietspad was brandschoon. Nou ja, alleen die bocht bij die oude steenfabriek was 1 grote ijsbaan. Uit de tijd dat ik in Arnhem werkte wist ik nog dat hier een kritiek laag punt lag, dus een verrassing was dat niet. Ik had hier anders een mooie schuiver kunnen maken. Om kwart over zes arriveerde ik weer thuis en daar wachtte een heerlijke maaltijd boerenkool met worst en spek!